U gebruikt een verouderde browser. Wij raden u aan een upgrade van uw browser uit te voeren naar de meest recente versie.
 
 
 

Openingstijden

24/7 open voor spoed

Praktijk Duiven

Maandag t/m vrijdag 9:00 - 19:00
Zaterdag 10:00-11:00

Spreekuren
* maandag t/m vrijdag 13.30-14.00 uur
(niet op donderdag)
en 18.30-19.00 uur
* Zaterdag 10.00-11.00

Rijksweg 22 
6921 AG Duiven
Tel.: 0316-285217

Praktijk Arnhem

Spreekuren
maandag t/m vrijdag 19.45-20.15 uur

Johan de Wittlaan 246
6828 WS Arnhem
Tel.: 026-3513450

 

Laatste nieuws

Volg het laatste nieuws op Facebook!

 
 
 
 

Dierziekten

Onder dierziekten verstaan we in deze rubriek vier onderdelen:

Al deze onderdelen worden hieronder behandeld.

Parasieten

Vlooien

Vlooien zijn bloedzuigende parasieten die voor veel problemen kunnen zorgen bij onze huisdieren en ook de eigenaren. Al onze huisdieren die een vacht hebben, kunnen vlooien bij zich dragen. Er bestaan inderdaad meerdere soorten vlooien waarvan de katten en hondenvlo de meest voorkomende zijn. De benaming van deze vlo betekent niet dat de kattenvlo zich uitsluitend beperkt tot de kat. De voorkeur gaat uit naar een kat, maar bij de hond voelt deze vlo zich ook prima op zijn gemak.

Cyclus van de vlo

Bloed is nodig om eitjes te produceren en vervolgens worden er eitjes afgezet in de vacht van het dier. Dit zijn niet klevende eitjes en rollen om die reden in de mand van het dier, maar ook bij de eigenaar thuis op de grond of in de auto. De larve komt na ongeveer 2-4 dagen uit en verstoppen zich op een donker plekje, bijvoorbeeld onder plinten of kieren van houten vloeren. Na ongeveer 2/3 weken zal de larve zich verpoppen en deze pop van de vlo kan tot ruim een jaar overleven. Door invloeden van buitenaf, bijvoorbeeld trillingen komt uit de pop de vlo. Terugkomen van vakantie voldoet aan de noodzakelijke trilling en dat is de reden dat bij thuiskomst na enkele weken de eigenaren van een huisdier worden geconfronteerd met een vlooienplaag.

De cyclus van de vlo speelt zich grotendeels buiten het huisdier af. Het dier is uitsluitend bedoeld voor het bloed dat nodig is voor het leggen van de eitjes. De waarneembare vlooien zijn slecht een klein deel van de aanwezige vlooien in het huis, de meeste vlooien zullen nog in het stadia zijn van larve en pop.

Hinder bij het huisdier en behandeling

De steken van een vlo veroorzaken veel pijn en jeuk waardoor het dier gaat krabben en in de vacht gaat bijten. Veel honden en katten reageren met een allergie op een vlooienbeet waardoor een enkele beet al een flinke reactie kan geven.
In de vacht zijn zwarte korreltjes waarneembaar, de ontlasting van de vlooien. Vaak zijn op de buit van de hond of kat de levende vlooien te zien die zich door de haren een weg vinden.
Niet alleen de hond, kat of konijn moet worden behandeld, maar ook de omgeving van het dier moet worden behandeld. Bij Care4Animals kan u preventieve vlooienbehandelingen halen en middelen om de omgeving te behandelen. Bij een allergie is het noodzakelijk dat de dierenarts, naast een vlooienbehandeling ook een behandeling tegen de allergie voorschrijft.

Het behandelen van de omgeving

Zoals hierboven beschreven, zoekt de larve van de vlo een donker plekje om zich te ontpoppen. De larve is zo dun als een haar en moeilijk waarneembaar. Grondig stofzuigen van de vloer, kleden en mand van de dieren is de eerste remedie. Gebruik daarnaast een omgevingsspray die is te verkrijgen bij Care4Animals. Het is hierbij zaak dat u zich, omdat u met gifmiddelen moet werken, strikt houdt aan de gebruiksaanwijzing en advies van de medewerkers van Care4Animals. Verschillende middelen die op verkrijgbaar zijn onder de noemer biologische vlooienverdrijvers hebben hun werkzaamheid nog niet bewezen.

Teken

Een teek is een klein bloedzuigend insect met 8 poten die voornamelijk voorkomt in hoog gras of bosgebieden. De teek klemt zich vast in de huid en zuigt zich vol bloed. Een teek die zich net heeft vastgezogen ziet er uit als een klein bruin wratje, eenmaal volgezogen lijkt de teek meer op een grijze tuinboon.

Onderzoek heeft uitgewezen dat ongeveer 15% van alle teken de bacterie de ziekte van lyme kunnen overbrengen. Care4Animals adviseert u om een vlooienbehandeling te kiezen die tevens voorkomt dat en teek zich zal inbijten. Daarnaast is het nodig dat de eigenaar van een hond in het bezit is van een tekentang. De medewerkers van Care4Animals kunnen laten zien hoe u de tekentang het best kan hanteren.

Luizen

Deze kleine platte parasiet kan een dier veel jeuk bezorgen. Onderscheiden moet worden de bloedluis en de haarluis. Het zal duidelijk zijn dat de bloesluis zich voedt met bloed van de hond, kat, vogel of knaagdier, maar de haarluis kan dat zeker ook. De luis leeft in de vacht van het dier en legt daar de eitjes (neten). Besmetting van luizen zien we niet vaak bij honden of katten, eigenlijk alleen in gevallen van slechte verzorging en hygiene. In de middelen tegen vlooien en teken voor honden en katten die Care4Animals verstrekt, zit een werkzame stof tegen luizen.

 

Luizen bij knaagdieren en vogels

Bloedluis

De vogelmijt is bij de meeste mensen beter bekend als bloedluis. De vogelmijt komt voor bij vollierevogels, kippen, duiven en knaagdieren. De ontwikkeling van de vogelmijt kent verschillende stadia, eitje, larve, nimf en vogelluis. Kenmerkend voor de bloedluis is, dat deze ´s nachts tegen de vogels of knaagdieren opklimmen om +s morgen weer de beschutting op te zoeken. Overdag zijn de mijten niet op de dieren te vinden. Het behandelen van de bloedluis vergt behoorlijk wat doorzettingsvermogen en het gebruik van de juiste middelen. Care4Animals kan u adviseren welk middel geschikt en hoeveelheid van het middel is voor de bestrijding van de bloedluis.

Zwarte luis

De zwarte luis, net als de bloedluis een mijt, ziet men voornamelijk bij vollierevogels. Deze luis komt voornamelijk voor in het late voorjaar en zomer en met name de broedsels hebben veel hinder van deze luis. In tegenstelling tot de bloedluis is de zwarte luis wel overdag waarneembaar. Een houder of kweker van vogels ziet de zwarte luis in het nest van de jonge vogels krioelen en dat betekent de dood van de jonge vogels. Ook de behandeling van de zwarte luis is moeilijk en intensief.

Oormijt

De oormijt is een veelvoorkomende mijt bij onze huisdieren, bij zowel honden, katten als knaagdieren. De mijt leeft in de gehoorgang en voedt zich met oorsmeer en huidschilvers. De oormijt is bijzonder besmettelijk en wanneer een dier is besmet is het waarschijnlijk dat ook de andere dieren binnen het gezin een besmetting hebben. De oren van het dier kunnen ernstig ontstoken raken. De behandeling tegen oormijt is vrij eenvoudig en succesvol.

Reptielenluis

Deze luis (mijt) leeft zoals de naam als zegt op reptielen, slangen, hagedissen, leguanen etc. en leeft tussen de schubben van het dier. Deze bloedzuigende luis leeft afwisselend op de gastheer en verscholen in de kieren van het hout of naden in het verblijf. De bestrijding van deze luis is moeilijk.

 

Schurftmijt

Demodex

Onderscheiden moet worden de mijt die de Demodex (jeugdschurft) veroorzaakt en de mijt die verantwoordelijk is voor de gewone schurft. Demodex komt het meest voor bij jonge honden en laat een schilferige huid zien die ernstig kan ontsteken door een bacteriele infectie. Een deel van het lichaam of het totale lichaam kan zijn aangetast. Deze schurft leeft in de talgklieren en haarzakjes van het jonge dier. De dierenarts zal door middel van een huidschraapsel onder de microscoop bekijken de demodexmijt aantonen. Wassen met een speciale shampoo en soms ondersteuning met antibiotica is noodzakelijk om de demodexmijt te bestrijden.

Schuftmijt / Sarcoptes scabie

Deze schurftmijt is een zeer besmettelijke voor de honden onderling, maar ook overdraagbaar op mensen (zoonose). De schurftmijt komt gelukkig weinig voor in Nederland. De mijt graaft gangen in de huid en veroorzaakt en veroorzaakt veel jeuk, Door krabben en bijten ontstaan bloederige huidinfecties en het dier de vacht. De behandeling zal enige tijd in beslag nemen.

Giardia (darminfectie)

Een met het blote oog niet zichtbare eencellige parasiet is verantwoordelijk voor een bijzonder vervelende darminfectie. Een darminfectie waarmee ook de mens kan worden besmet (zoonose). Zowel honden als katten kunnen een Giardia besmetting oplopen. De parasiet infecteert de dunne darm en veroorzaakt een dunne slijmerige en stinkende ontlasting met soms braken. De Giardia hecht zich door middel van een cyste aan de darmwand en wordt door middel van de ontlasting verspreid. Deze darminfectie komt veel voor bij honden en katten en is doorgaans goed te behandelen. Kenmerkend voor Giardia is, dat de hond of kat een hardnekkige terugkerende fase van ernstige diarree doormaken en tussen deze fases door geen klachten vertonen. De aanwezigheid van Giardia in de darm van een dier wordt door de dierenarts aangetoond met een speciale test.

 

Schimmels

Huidschimmels komen met regelmaat voor bij onze huisdieren. De mate waarop een huisdier op een schimmel reageert verschilt sterk, de ene wordt kaal en de ander heeft maar een paar kale plekjes of een enkel korstje op de huid of juist geconcentreerd bij de nagels, kop van het dier of bijvoorbeeld oren. De schimmels zijn een zoönose, dat wil zeggen dat ze overdraagbaar zijn op de mens.

Een vochtige, warme omgeving is een ideale omgeving voor schimmels. Denk hierbij aan de bad- en kleedruimtes waar vrij eenvoudig een voetschimmel kan worden opgelopen. Honden en katten in een pension hebben een groter risico bij het oplopen van een schimmelinfectie en ook oudere dieren of dieren met een verminderde weerstand zullen eerder hinder ondervinden van een schimmelinfectie.

Kenmerkend voor een schimmel is, dat deze voornamelijk voorkomen op de huid en vacht en de voortplanting plaatsvindt door sporen, deze microscopisch kleine zaadjes kunnen in bijzonder extreme omstandigheden overleven en dat zorgt ervoor dat de behandeling vrij complex is omdat er steeds weer een besmetting volgt. De andere huisdieren in het gezin zullen helaas ook met de schimmel te maken krijgen en zullen allemaal moeten worden behandeld en ook de mensen in het gezin moeten extra attent zijn op een beginnende schimmelinfectie. De meest voorkomende schimmelinfectie die door dieren wordt overgebracht op de mens is de zogenaamde ringworm. Deze schimmelinfectie start met een klein rood schilferig plekje dat zich steeds verder in een ring uitbreidt, binnen en buiten de ring is de huid normaal. Voor de mens is dit geen ernstige schimmelinfectie, die goed is te behandelen.

Stellen van diagnose en behandeling

Een vermoeden van een schimmelinfectie vraagt een gedegen dermatologisch onderzoek. De huid en vacht kan worden bekeken met een blauwe ultraviolette lamp, maar doorgaans zal de dierenarts een kweek zetten van het afgenomen huidschraapsel. De uitslag van deze kweek neemt enige tijd in beslag helaas, maar geeft wel een duidelijk antwoord over de mate van schimmel en de behandelmethode. Ook is het mogelijk om met UV licht de aanwezige schimmel waar te nemen, deze methode is echter niet 100%.

Er kan gekozen worden voor verschillende methodes van behandeling of een combinatie daarvan, afhankelijk van de soort schimmel en het soort huisdier. Tabletten zullen vanuit het lichaam de schimmel bestrijden en een shampoo of zalf zal dat van buitenaf doen. In overleg met de eigenaar zal de dierenarts kiezen voor een geschikte methode. Het heeft immers geen enkele zin om bij een kat een shampoo voor te schrijven wanneer de eigenaar van de kat niet in staat is om de kat te wassen. De behandeling kan lang duren, meestal meerdere weken. Naast de behandeling van het huisdier is het zeker zo belangrijk dat de omgeving goed wordt schoongemaakt. Kleedjes of kussens die in aanraking zijn geweest met het dier moeten worden gewassen op een hoge temperatuur. De omgeving, halsband, ligplaats, borstels en kooi van het dier moeten worden ontsmet. Care4Animals kan u voor de betreffende schimmel een juist ontsmettingsmiddel adviseren. Katten lopen doorgaans door het hele huis en dat betekent dat u in dat geval meermaals de plekken waar de kat is geweest goed schoonmaakt en behandeld.

Is een schimmelinfectie te voorkomen?

Zoals eerder aangegeven is een schimmel behoorlijk besmettelijk en het voorkomen ervan is moeilijk bij huisdieren die buiten komen. De sporen van de schimmel verplaatsen zich door de lucht en zijn op geen enkele manier waarneembaar. De huisdieren die in hokken binnen worden gehouden kunnen worden besmet door sporen die bijvoorbeeld aanwezig zijn in stro of hooi of andere bodem bedekkend materiaal. Goede vachtverzorging en regelmatig onderzoeken van de huis zal ervoor zorgen dat een eventuele schimmelinfectie snel en adequaat kan worden aangepakt. Eenmaal besmette dieren moeten apart worden gehouden van andere huisdieren en bij de verzorging ervan moet een goede hygiëne in acht worden genomen. Gebruik bijvoorbeeld wanneer een van uw huisdieren is besmet met een schimmel, desinfecterende handzeep. Gebruik desinfecterende schoonmaakdoekjes, zodat de sporen niet tijdens het schoonmaken worden verspreid. Gebruik van chloor blijkt een uitstekend middel om de sporen van een schimmel te vernietigen.

 

Wormen

Wormen komen regelmatig voor bij huisdieren en Care4Animals adviseert om de hond of kat 4 keer per jaar een wormenkuur te geven. De pups en kitten kennen een andere schema, klik hier. Een volwassen hond of kat kan behoorlijk ziek zijn van een opgelopen worminfectie en de kenmerken kunnen zijn: braken, doffe vacht, vermageren, diarree etc. Daarbij bestaat het gevaar van een zoonose.

Het is een fabeltje dat de wormen van een met wormen besmet dier altijd zichtbaar zouden zijn in de ontlasting. Alleen bij een flinke wotminfectie zal door braken of zichtbaar in de ontlasting duidelijk zijn dat een dier een worminfectie heeft.

Wat zijn de meest voorkomende wormen?

Spoelworm

Leeft in de dunne darm van de hond en kat en kunnen gemiddeld 18 cm worden. Bij een flinke besmetting kan de worm worden uitgescheiden met de ontlasting of worden uitgespuugd. De eitjes worden wel via de ontlasting uitgescheiden. Deze eitjes komen via de bek van de kat of hond weer in het darmstelsel en de cyclus is rond.

Lintworm

De lintworm leeft in de dunne darm van het dier en kan tot een meter lang worden. Deze worm bestaat uit een kop en het lijf uit segmenten. Deze segmenten, die vol zitten met eitjes, laten van tijd tot tijd los en zijn als rijstkorrels waarneembaar in de ontlasting van het dier. De besmetting bij de hond en kat vindt doorgaans plaats door vlooien die als tussengastheer fungeren. De hond of kat wordt besmet op het moment dat een besmette vlo in de vacht wordt doodgebeten en ingeslikt.

Zweepwormen

De zweepworm wordt niet of nauwelijks aangetroffen bij de hond, deze worm komt niet voor bij de kat. Deze worm leeft in de dikke darm en de besmetting vindt plaats door het inslikken van larven. De eitjes van de larven bevinden zich in de ontlasting van het dier. Zweepwormen komen alleen voor in een omgeving met een slechte hygiëne.

Haakwormen

De haakworm wordt regelmatig bij honden gezien, bij katten niet of nauwelijks. Het zijn kleine wormen en een hond wordt besmet door het eten van bijvoorbeeld gras. De kans op besmetting is het grootst in de zomer.

Longwormen

Deze worm ziet men regelmatig bij katten en niet of nauwelijks bij honden. De gastheer van de longworm is de slag of een knaagdier dat een slak heeft gegeten. Wanneer de kat bijvoorbeeld een knaagdier heeft gevangen en gegeten zal de larve via het maag/darm stelsel zich een weg vinden naar de longen. De eitjes worden in de longblaasjes gelegd en door hoesten verspreid. De diagnose is lastig te stellen en de symptomen zijn niet erg duidelijk. Omdat de longworm maar een korte periode in de ontlasting is waar te nemen, meestal 3 maanden, is een uitgebreid onderzoek noodzakelijk. De besmette kat kan vermageren, benauwd zijn of hoesten.

Hartworm

De hartworm komt nog niet in Nederland voor, maar wordt wel meegenomen door honden die mee zijn geweest op vakantie naar Zuid-Europa. De worm leeft in en rond het hart en wordt overgebracht door muggen. De behandeling vraagt veel van de besmette hond en is niet ongevaarlijk. Preventief behandelen is daarom te adviseren. Care4Animals kan u hierin adviseren.

 

Zoönose

Een zoönose is een ziekte die een mens kan krijgen van een gewerveld dier. Bekende voorbeelden zijn de zieke van Weil, hondsdolheid, vogelgroep en Q-koorts, maar ook een tussengastheer kan ook voor een overdracht zorgen, bijvoorbeeld een mug of een teek. De ziekteverschijnselen bij de mens zijn divers omdat de ziekteverwekker een schimmel, bacterie of een virus kan zijn. Mensen die werken in de veeteelt lopen de meeste kans op een besmetting. In deze informatie beperken wij ons tot de zoonose die van een van de kleinere huisdieren kan worden overgebracht. De kans daarop is niet heel erg groot, een aantal voorzorgmaatregelen kunnen geen kwaad.

Wanneer iemand een wondje heeft op bijvoorbeeld de hand, trek dan altijd weggooihandschoenen aan wanneer de hond, kat of bijvoorbeeld konijn wordt verzorgd. Trek die handschoenen ook aan wanneer de kooi wordt schoongemaakt, zorg voor een goede ventilatie en sop de kooi (ook het nachthokje) of mand goed uit en was met regelmaat het dekentje.

Opgemerkt dient te worden dat mensen de meeste zoonosen oplopen tijdens vakantie in het buitenland en dat niet de eigen huisdieren voor een besmetting hebben gezorgd. Maar een besmetting via een zandbak wanneer daar katten in hebben gepoept, het aaien van vreemde dieren, het onzorgvuldig omgaan met (vers) voer voor de huisdieren kunnen toch voor een voerdracht zorgen.

Welke dieren kunnen welke zoönose overbrengen

Eventuele besmettingshaarden kunnen zijn onzorgvuldig bereid voedsel, werken in de tuin, zwemmen in open water, de zandbak, kinderboerderij en de eigen huisdieren. Hoewel uiterst zeldzaam kunnen duiven, parkieten/papagaaien, tropische vogels, kippen kunnen de volgende zoonose op de mens overbrengen:

Campylo- bacteriose een bacterie die diarree, hepatitis en het syndroom van Guillain-Barré (een aandoening van de spieren) kan veroorzaken.
Huidproblemen (schimmel, schurft).
Longontsteking (papagaaienziekte).

Ook uiterst zeldzaam kunnen knaagdieren, honden en katten de ziekte van Weill overbrengen.

Kattenkrabziekte wordt overgedragen door een krab of beet van een kitten of een kat. Kinderen zijn over het algemeen gevoelig voor de ontwikkeling van deze ziekte die hoofdpijn, koorts, huiduitslag of opgezette lymfklieren kan veroorzaken. Geadviseerd wordt een krab of beet goed uit te wassen met zeep of ontsmettingsmiddel en eventueel de huisarts te bezoeken.

De spoelworm is een regelmatig bij een huisdier voorkomede worm. Pups en kittens worden al op jonge leeftijd ontwormd en een verantwoorde huisdierenbezitter zal zijn huisdier ieder haldjaar een wormenkuur geven. De spoelwormbesmetting wordt op de mens overgebracht via contact met besmette grond. Onderzoek heeft uitgewezen dat 59% van de openbare zandbakken met wormeitjes van de spoelworm zijn besmet. Denk niet dat alleen de katten voor deze vervuiling verantwoordelijk zijn, er zijn ook hondeneigenaren die hun hond op een kinderspeelplaats uitlaten. De spoelworminfectie kan bij kinderen allergische reacties veroorzaken en zelfs vormen van astma versterken.

Beet van een dier

Een beet van een huisdier moet altijd even worden gezien door een huisarts. De kans op ontsteking van een beet van een hond, kat of knaagdier is groot. Soms is naast de verzorging door de huisarts een tetanus injectie nodig. Wanneer een kind uit het gezin of een vrindje is gebeten door een van uw huisdieren, analyseer dan hoe dat heeft kunnen gebeuren en overleg met uw dierenarts hoe iets dergelijks in de toekomst kan worden voorkomen.

Teken

Het is algemeen bekend dat de teek de ziekte van Lyme kan veroorzaken. Meestal is er na een beet van een besmette teek een rode of paarsrode ring waarneembaar, maar dat hoeft niet altijd. Bij twijfel is een bezoek aan de huisarts te adviseren.

Het verwijderen van een teek

Algemeen wordt aangenomen dat wanneer een teek in de eerste 24 uur wordt verwijderd, er geen problemen zullen optreden. Om die reden is het van belang dat het huisdier iedere dag wordt gecontroleerd en dat teken niet alleen in de zomer voorkomen. Al onze huisdieren kunnen een tekenbeet oplopen. Deze parasiet bijt zich vast in de huid en zuigt zich vol met bloed om zich vervolgens te laten vallen. Dat kan buiten gebeuren, maar het kan ook voorkomen dat de eigenaar van een hond of kat opeens een volgezogen teek op de huiskamervloer aantreft. Voor het verwijderen van een teek zijn tegenwoordig verschillende handige attributen te koop en iedere huisdierenbezitter zou een dergelijke tekentang in huis moeten hebben. Er bestaan verschillende theoriene over de beste manier van het verwijderen van een teek, door te trekken of juist te draaien. Men is het er wel over eens dat het druppelen van een bijtende stof op de teek niet de beste manier is, dat is toch echt het verwijderen met een tekentang. Wanneer u zelf de teek niet durft te verwijderen kan u zich altijd melden bij de praktijk van Care4Animals. De aanwezige assistent zal u zeker van dienst zijn.

Vlooien

Een beet kan bij de mens jeuk, roden bultjes maar ook een vervelende huiduitslag veroorzaken (Spotted Fever) die ook griepachtige verschijnselen veroorzaakt. De veroorzakende bacterie Rickettsiae is aangetoond in vlooien.

De meeste bekende ziekte die door vlooien bij ratten werd veroorzaakt is de Pest, een ziekte die in Nederland is uitgeroeid. Niet uitgeroeid is de besmetting via de vlo met de lintworm.
De nog niet in Nederland voorkomende zandvlo kan voor vervelende huidklachten zorgen. Een hond kan deze parasiet die zich in de huis ingraaft meenemen van vakantie in Zuid-Europa.

Fabels over zoönosen

Fabels zijn er ook genoeg over zoonose, het overdragen van ziektes door een dier. Jaren geleden was bijvoorbeeld de ziekte Toxoplama die door katten kan worden overgebracht, reden voor veel zwangere vrouwen om de kat uit huis te plaatsen. Deze parasiet levert echter geen enkel probleem op wanneer er een aantal voorzorgsmaatregelen worden genomen. De kattenbak kan door een van de huisgenoten worden schoongemaakt en daarmee is de eigenlijke besmettingsbron uitgesloten. De parasiet zorgt wel voor besmetting door andere oorzaken, bijvoorbeeld door het eten van onvoldoende verhit vlees, gewassen groenten of tuinieren.
Compleet uitgesloten is een besmetting via onze huisdieren niet. Een goede hygiëne, vlooien- en tekenbestrijding en de halfjaarlijkse wormenkuur zorgt ervoor dat een eventuele besmetting uiterst klein is.